Toegangscodes
• Beveiligingscode (5 cijfers): de beveiligingscode beveiligt de telefoon tegen onbevoegd gebruik.
Deze code wordt bij de telefoon geleverd. De code is standaard ingesteld op 12345. U kunt de code
wijzigen in het menu
Instellingen
(zie Beveiligingsinstellingen op pagina 72). Houd de nieuwe code
geheim en bewaar deze op een veilige plaats uit de buurt van de telefoon.
U kunt de telefoon instellen op het vragen naar de code (zie Beveiligingsinstellingen op pagina 72).
• PIN-code (4 tot 8 cijfers): de PIN-code (Personal Identification Number) beveiligt de SIM-kaart
tegen onbevoegd gebruik. De PIN-code wordt gewoonlijk bij de SIM-kaart geleverd.
U kunt de telefoon instellen om telkens wanneer deze wordt ingeschakeld om de PIN-code te
vragen (zie Beveiligingsinstellingen op pagina 72).
• PIN2-code (4 tot 8 cijfers): voor bepaalde functies, zoals kostentellers, hebt u de PIN2-code nodig
die bij sommige SIM-kaarten wordt geleverd.
©2002 Nokia Corporation. All rights reserved.
Al
g
emene i
n
fo
rm
a
tie
14
• De PUK-code en PUK2-code (8 cijfers): de PUK-code (Personal Unblocking Key) is nodig om een
geblokkeerde PIN-code te wijzigen. De PUK2-code is nodig om een geblokkeerde PIN2-code te
wijzigen.
Als de codes niet bij de SIM-kaart worden geleverd, neemt u contact op met uw netwerkexploitant
om de codes te verkrijgen.
• Blokkeerwachtwoord: het blokkeerwachtwoord is nodig als u
Oproepen blokkeren
gebruikt (zie
Beveiligingsinstellingen op pagina 72). U krijgt dit wachtwoord van uw netwerkexploitant.
©2002 Nokia Corporation. All rights reserved.
Overzich
t
van
d
e fun
cties va
n d
e tele
fo
on
15
Overzich
t
van
d
e fun
cties va
n d
e tele
fo
on